Overige behandelingen

pijnmedicatie

Pijnmedicatie speelt een belangrijke rol bij de behandeling van chronische pijn. Bij de keuze voor specifieke pijnmedicatie is het van groot belang om te weten van welk soort pijn (nociceptieve pijn, neuropatische pijn, viscerale pijn, oncologische pijn) er sprake is. De anamnese en somatische diagnostiek moeten hierover uitsluitsel geven. Onder het onderstaande kopje "Farmacologische behandelingen" vindt u een overzicht van medicamenten die per type pijn gebruikt kunnen worden. 

Farmacologische behandelingen

 Bij acute nociceptieve pijn

  • NSAID's
  • Paracetamol
  • COX-2-remmers

Bij chronisch nociceptieve pijn

  • Hoewel niet steroïdale anti-inflammatoire middelen (NSAID's) veel gebruikt worden is het wetenschappelijk bewijs voor de effectiviteit niet voorhanden.
  • Hetzelfde geldt voor het gebruik van (zwakke) opioiden.

Bij opioïden wordt geadviseerd kortdurende behandeling te geven (tot 3 maanden) en deze tezamen met laxantia voor te schrijven.

Indien sprake van centrale sensitisatie kan men de volgende medicamenten overwegen:

  • Tricyclische antidepressiva
  • Zwakke opioiden (kortdurend)
  • Opioïden (kortdurend)

Bij neuropathische pijn

Afhankelijk van de klinische verschijnselen van de neuropathische pijn kan de volgende medicatie worden voorgeschreven:

  • Anti-convulsiva bij bestaan van: (allodynie) (paraesthesieen)(dysaesthesiëen) (spontane schietende pijn) (spontaan continue brandende pijn)
  • Anti-Arrithmica (paraesthesiëen) bij bestaan van: (dysaesthesiëen)(spontane schietende pijnklachten) (spontaan continue brandende pijn)
  • Tricyclische Antidepressiva bij bestaan van: (allodynie) (paraesthesieen)(dysaesthesiëen)(spontane schietende pijn)(spontaan continue brandende pijn)
  • Topicale anestheticabij bestaan van: (allodynie)(dysaesthesiëen)
  • Baclofenbij bestaan van: (allodynie)
  • Opioïden bij bestaan van: (allodynie)
  • Clonidinebij bestaan van: (allodynie)
  • NMDA-antagonisten bij bestaan van: (allodynie)(paraesthesiëen)