Onderrug

Lumbale Plexus Laesies

Definitie

Traumatische lumbale plexus laesies zijn beschadigingen door overrekking van de plexus en eventuele avulsie van de zenuwwortels met als gevolg uitval en/of pijn in het verzorgingsgebied van de perifere zenuwen van deze plexus

Etiologie

De meest frequente oorzaak zijn hoogenergetische trauma, maar ook sportletsels, penetrerende traumata en chirurgisch ingrijpen kunnen tot een beschadiging leiden. Met name de letsels waarbij de beschadiging tussen ruggenmerg en ganglion (proximaal) optreden geven aanleiding tot hevige pijnklachten.

Klachten/verschijnselen

Naast het optreden van (ernstige) neurologische uitval is de aanwezigheid van neuropathische pijn in het gebied (deafferentiatiepijn) van de arm bij 30-90% van de personen met een laesie het grootste probleem. Als er sprake is van een zogenaamde preganglionaire laesie (avulsie van de wortel uit het ruggenmerg) neemt de kans op hevige pijn toe tot ongeveer 90%.

Pijn treedt met een zeker pijnvrij interval vooral op bij de patiënten waarbij er een beschadiging is van de intrede van de radices in het ruggenmerg (wortel avulsie).

De aanvankelijk continue 'achtergrondpijn' die een brandend of stekend karakter kan hebben, wordt later versterkt door het optreden van bijkomende pijnaanvallen.

De pijnklachten manifesteren zich meestal in de distale beendelen; onderbeen, voet en tenen. Een duidelijk radiculair patroon is meestal niet te herkennen.

Ook treden er vaak ten gevolge van het trauma vegetatieve veranderingen in de been en de voet op. Bij een gecombineerde beschadiging van zowel het ruggenmerg als de plexus kan de diagnostiek zeer moeizaam en vertraagd verlopen

Diagnostiek

Lichamelijk onderzoek

Het neurologisch onderzoek is vooral gericht op sensibele en motorische uitval.

Wanneer geen trauma in de anamnese aanwezig is moet differentiaal diagnostisch intra-abdominale pathologie overwogen worden.

Aanvullend Somatische Diagnostiek

  • Aanvullend onderzoek in het kader van een groot trauma zijn standaard X-foto's, CT-scan en MRI. CT myelografie kan informatie geven over bestaan van wortelavulsies of andere afwijkingen ter plaatse.
  • Neurofysiologische evaluatie (EMG en SSEP) is van belang voor de lokalisatie, het verloop en neurochirurgische interventie van belang.

Aanvullende Psychocognitieve Diagnostiek

  • RAND-36 (kwaliteit van leven)
  • VAS-Pijn (max.,min, actueel, gemiddeld/week)
  • TSK (bewegingsangst)
  • PCS (catastroferen)
  • HADS (angst en depressie)

Behandeling

Multidisciplinaire Behandeling

Op grond van de diagnose wordt al dan niet een somatische behandeling geïndiceerd en op basis van de bevindingen bij de aanvullende psychocognitieve diagnostiek kan een indicatie gesteld worden voor aanvullende diagnostiek dan wel voor een multidisciplinaire behandeling.

Niet-Somatische Behandelingen:

Somatische behandelingen

Farmacologische behandelingen:

Andere Behandelingen

Interventionele pijnbehandelingen:

Interventionele behandelingen:

  • Neurochirurgische reconstructie plexus.